|
Macrobiotiek Deze oosterse benadering van voeding en levensstijl kende een aantal jaren geleden een eerste hoogtepunt, en is momenteel aan een opleving toe. Terwijl het vroeger vooral ging om een heel strikte naleving van de japanse gedragsregels, interpreteert men deze voedingsleer meer als een uitgebalanceerde en vooral heerlijk oosters aandoende manier van gezond eten. In de « gewone » vegetarische keuken worden regelmatig macrobiotische toetsen toegevoegd in de vorm van sojasaus, miso, zeewieren en umeboshi pruimen, producten die zelfs door reglementaire chefkoks worden gebezigd. Ze verdienen hun plaatsje in onze keuken door de explosies van smaak die ze toe kunnen voegen aan alledaagse bereidingen. Daarenboven zijn ze door hun samenstelling bij uitstek geschikt om ook dieetkundig een balans te brengen bij tekorten en andere lichamelijke ongemakjes.
Ieder mens is anders, ieder klein probleempje is bij iedereen anders en vanuit deze optiek je voeding individueel bepaald aanpakken, is het meest belangrijke uitgangspunt van de macrobiotische voedingsleer. Daarom wordt de macrobiotiek soms ook als complex ervaren door de toevallige passant, terwijl er enkel een paar sleutels te dienen worden gehanteerd om eender welk probleem of fenomeen te kunnen verklaren. De macrobiotiek, bij de meesten bekend als de leer van yin en yang, is in tegenstelling wat velen denken, een heel dynamisch gegeven, waarbij voornoemde termen een slechts heel beperkt beeld schetsen. Het is de wisselwerking van deze 2 begrippen en de onderlinge interactie van de 5 transformaties (of elementen) van yin en yang, die de macriobiotische voedingswijze tot een interessant studie-object maken. Het is meer dan dat - je hele levenswijze kun je ontleden tot de kern van deze 2 begrippen en tot de interactie ervan; je leert erdoor omgaan met alle levende en niet-levende wezens die ons omringen en met alle energieën die ons bereiken van dichtbij en van veraf; met andere woorden met het hele universum. Door de macrobiotiek leer je ook beter omgaan met je hele verleden, niet alleen met je huidige menselijke vorm maar met alle mogelijke levensvormen die ons voorgingen en die ook nog na ons zullen komen; je creëert echte eenheid met je omgeving en leert er in harmonie mee omgaan.
Een aantal basisregels:
Macrobiotisch koken betekent koken met volwaardige ingrediënten, basisproducten die meestal van biologische oorsprong zullen zijn, omwille van ht feit dat biologische producten niet vervuild en/of versterkt van smaak zijn, maar ook omdat biologische producten bijdragen aan de vollere smaak van het bereide voedsel. Een heleboel welvaartsklachten zijn tegenwoordig terug te brengen tot het veelvuldig gebruik van geraffineerde en kunstmatig op smaak gebrachte « basisvoeding ». Bij het verschijnsel raffinage (bij bijvoorbeeld wit meel, witte rijst, witte pasta's enz.) kun je je best voor ogen houden dat de volle granen en de bereidingen op basis hiervan, alle eigenschappen bezitten van een volledige vrucht, waar bij raffinage van deze vrucht, de eigenschappen als het ware in kleinere stukjes worden gedeeld, waarbij de som der delen altijd kleiner uitvalt dan de som van het geheel. Een voorbeeld: als je wittebrood eet en dit wil compenseren met tarwekiemvlokken voor de vitamine E en daarna nog zemelen moet eten om je stoelgang op gang te brengen, heeft het meer zin om volkorenbrood te eten om het zelfde effect te bereiken (zetmelen+tarwekiemen+vezels in één) en je hebt er de levensnoodzakelijke aminozuren bij die door raffinage grotendeels worden geëlimineerd. Ander voorbeeld: als je witte suiker eet, is algemeen geweten wat de gevolgen hiervan kunnen zijn: suiker is een mineralenrover en haalt als dusdanig de mineralen uit je lichaam, waar ze te vinden zijn (gebit, beenderen, maar ook uit ons zenuwstelsel). De korte glucoseketen uit de geraffineerde suiker heeft deze mineralen nodig om evenwicht te maken ; om opgenomen te worden. Makkelijker en minder mineralenrovend zou zijn, de volle suikerbiet, waarvan de suiker werd gemaakt, op te eten, in zijn natuurlijke vorm! Biologische basisproducten nuttigen is in deze zeer aan te raden, omdat daar hoedanook vertrokken wordt van volwaardige en niet kunstmatig 'opgepompte' nutriënten, waar zo weinig mogelijk in 'weggesnoeid' werd. Maar we dienen het aspect 'biologisch' ook weer niet meer eer toe te dichten dan nodig. Als de biologische, vol'waardige' ingrediënten niet worden genuttigd in een bepaalde harmonieuse, voor ieder individueel persoon gepaste verhouding, ontstaat er ook een disbalans en een situatie van 'ongezondheid', of je nu biologisch eet of niet. Bijvoorbeeld: iemand die er van overtuigd is dat enkel maar bananen eten gedurende zéér lange tijd, is even ongezond bezig als hij deze hoeveelheid conventionele bananen vervangt door biologische bananen. Je zult dan enkel maar biologisch ongezond worden.
Die harmonieuse balans, die dient te worden bereikt, is in macrobiotische terminologie de balans tussen yin en yang (of het mannelijke en vrouwelijke, of het licht en de donkerte, het lichte en het zware principe enz.). Maar voor we in het typische wit/zwart denken vervallen; de wisselwerking tussen het abstracte begrip Yin en het abstracte begrip Yang is enkel mogelijk door de wisselwerking van de 5 stadia van transformatie (ook weleens minder genuanceerd de 5 elementen genoemd). Deze dynamische benadering van alle fenomenen en verschijnselen maakt het begrijpen van yin/yang makkelijker en nuanceerbaar. Een voorbeeld: iemand die denkt (of van iemand heeft gehoord) dat hij « Yang » is, en dan alleen maar suiker eet omdat dit extreem « yin » is, zal alleen macrobiotisch ongezond worden en dus zeker niet in balans geraken.
Balans maak je ook door je open te stellen voor alle mogelijke voedingsmiddelen, maar die je best zoveel mogelijk in je eigen klimaatsgordel, volgens de natuurlijke loop der seizoenen, kunt vinden. Met andere woorden: een eskimo een dieet voorzetten van tropisch fruit in het putteke van de winter is waarschijnlijk voor die arme man (of vrouw) een beetje teveel van het 'yinne' aspect. Omgekeerd iemand, die dagdagelijks op kantoor zit licht lichamelijk en veel mentaalbezig te zijn, op een robuust dieet van lappen biefstuk met frieten, overgoten met veel alcholische beverages, is niet alleen vragen om ongeconcentreerde en onproductieve werknemers (vanuit het standpunt van de baas) maar ook vragen om zéér snel dichtslibbende bloed-en andere vaten. Dit zijn enkele op logisch « boeren » verstand gestoelde voorbeelden die iedereen makkelijk zal kunnen beamen, maar meer naar het alledaagse toe, is het volgens de macrobiotische principes niet echt aan te raden om bijvoorbeeld in het 4-seizoenenklimaat in onze lage landen, enorme hoeveelheden tropisch citrusfruit te gaan gebruiken in de winter. Voorstanders van een vitamineC regime, zullen nu waarschijnlijk op hun achterste poten, sorry benen gaan staan, maar vitamine C haal je net zo goed uit een minder 'classy' voedingsmiddel van hier, uit bvb peterselie, of krulkool, of zuurkool (wat al een bereiding is van witte kool en dus ook nog eens beter verteerbaar). De reclamejongens hebben ons echter doen geloven dat het beter is kiwi uit Nieuw Zeeland te eten voor je vitaminekes. Gelukkig gaan er tegenwoordig meer en meer stemmen op voor het duurzaamheidsprincipe, dat bepaalt dat je best je voeding betrekt van dichterbij, omdat het ecologischer is. Tiens, dat zegt de macrobiotiek dus ook al langer – toch nog niet zo gedateerd, dus.
Al het voorgaande kun je echter vergeten als je geen rekening houdt met de individuele behoeftes van elk individu afzonderlijk, en dan nog meer specifiek met de individueel bepaalde constitutie en conditie van ieder. Géén enkel mens is gelijk – gelukkig maar; ieder individu heeft een heel specifiek constitutioneel, erfelijk bepaalde eigen'aardig'heid die dan ook nog eens makkelijk kan worden beinvloed door zijn/haar alledaagse conditie waarin hij/zij zich bevindt. Bijvoorbeeld: iemand van boerenafkomst met een historisch verleden van generaties vleesverbruik, die altijd zwaar buitenwerk gewend is, die eens een biertje drinkt, zal daar waarschijnlijk minder van voelen dan een jong meisje, afkomstig van een familie die al generaties lang fijnkunstig ballet beoefent. En dan nog zou het net andersom kunnen zijn – boeiend toch!
Deze individuele benadering van voeding – en dan hebben we het best over voeding in de breedste zin van het woord: dus fysieke voeding, maar ook mentale en spirituele voeding – kun je alleen maar toepassen als je alles in de juiste verhouding zet. Mineralen heeft iedereen en alles in een bepaalde mate nodig, eiwitten ook in een bepaalde vermenigvuldigingsfactor ten opzichte van deze mineralen, koolhydraten weer in dito factor ten opzichte van de eiwitten, en zo verder respectievelijk ook vocht, lucht, kortere en langere kosmosgolven (zijnde die mentale en spirituele voeding van daarnet). Als hierin de juiste verhouding zoek is, voel je je vanzelf niet goed in je vel (je krijgt het niet verteerd bvb) en kom je sowieso niet toe aan die hogere vormen van voeding, simpelweg omdat je er de plaats niet meer voor hebt. De verhouding in dit alles kan ook in de andere richting zoek zijn, dat je door armoede of hongersnood niet genoeg mineralen en eiwitten enz. binnenkrijgt. Ik kan me in dit geval ook niet goed voorstellen dat iemand met een echte honger, nog uitstekend zal kunnen mediteren en nadenken over zijn eigen gelukzaligheid.
Als je alle mogelijke voedingsmiddelen die tot onze beschikking zijn hier in het 4-seizoenenklimaat in onze Lage Landen, in deze verhouding schaal zet, kun je eigenlijk ook alleen maar tot de conclusie komen dat we best zo veel mogelijk vegetarisch ons proberen te voeden – daar halen we ruim genoeg voedingstoffen uit om ons op alle voornoemde vlakken gezond te kunnen voelen. We hebben niet echt de kilo's vlees en dierlijke producten nodig die ons door – alweer die dekselse – reclamejongens worden voorgehouden. De dierenpopulatie zal er ook niet rouwig om zijn, als we hen met wat meer respect en terughoudendheid zouden benaderen.
Een vegetarisch voedingspatroon is ook een meer rechtvaardige manier om zich te voeden. Bedoeld wordt dat een vegetarische levensstijl meer rekening houdt met de levensbehoeften van de gemiddelde wereldburger; velen hebben niets te eten, omdat er hele (veeleer rijke) bevolkingsgroepen enorme hoeveelheden grond spenderen aan het telen van dieren, die dan als voeding moeten dienen voor de hamburgerindustrie, om maar iets te noemen. Rechtvaardiger zou zijn, deze gronden te wijden aan het telen van granen, die veel meer opbrengst geven voor veel meer mensen.
Intuitie speelt ook een belangrijke rol bij de macrobiotiek. Intuitie om -weliswaar na een tijdje al dan niet krampachtig regeltjes volgen – van nature uit te weten, wat je lichaam nodig heeft, om vredevol en vreugdevol in harmonie met je omgeving te leven. Maar als gevolg van al het voorgaande leer je ook je intuitie gebruiken en is de cirkel dus rond. Hieruit zou kunnen besloten worden dat personen die zich voornamelijk dierlijk voeden, geen of minder intuitief zouden zijn/eten – wat mij betreft mag u dat ook besluiten, hoewel het ook weer geen algemene regel mag zijn.
Al het voorgaande heeft eigenlijk geen enkele zin of zinnigheid, als wat je eet geen smaak heeft en niet lekker is! Iets wat niet lekker is, tegen wil en dank toch maar jarenlang volhouden, is eigenlijk ook zondigen tegen alles waar de macrobiotiek voor staat. Koken Moet Kunst Zijn (met Grote Letters)! Een goed uitgebalanceerd menu, dat rekening houdt met alles hierboven, moet ook lekker zijn klaargemaakt, met veel liefde bereid, waardoor het ook met veel liefde kan worden opgegeten: dit zijn ook energieën die je meekrijgt via je bord! Liefde voor het koken en vakmanschap zijn dingen die aan het macrobiotisch koken moeten eigen zijn om het plaatje helemaal rond te krijgen. Alleen dan zal u echt kunnen begrijpen wat de macrobiotiek echt inhoudt.
Martin op 't Roodt |